Plataan
Platanus occidentalis, orientalis, acerifolia (bot.)
Plane-tree (Eng.)
Platane (Frans)
Platane (Duits)
Platanaceae – plataanfamilie
De in Nederland veel als laanboom aangeplante plataan is een 30 m hoge loofboom die meteen te herkennen is aan de stam. De schors laat namelijk in grote plakken los, waarop lichtgekleurde vlekken ontstaan. Ook de bladeren zijn kenmerkend. Zij zijn handvormig ingesneden en hebben 3 of 4 lobben, die spits toelopen en een getande bladrand hebben.
Naamgeving
Het woord plataan is afgeleid van het Griekse platys wat plat of breed betekent en te maken heeft met de afgeplatte, brede kroon van de boom. Volgens Romeinse historicus Plinius stonden in het park van de beroemde Academia in het noordwesten van Athene prachtige platanen die schaduwrijke gaanderijen vormden. De naam van de grote wijsgeer Platon zou te maken hebben met zijn breed voorhoofd en zijn brede redevoeringen in deze gaanderijen.
Soorten en hun kenmerken
De oosterse plataan (Platanus orientalis) is inheems in Zuidwest-Azië en Zuid-Europa. Het is een boom die warmte nodig heeft en bij ons in zijn jeugd vorstgevoelig is. Deze boom heeft diep ingesneden vingerachtig blad. Hij kan zeer oud worden. In de buurt van Constantinopel staan exemplaren die waarschijnlijk 4000 jaar oud zijn. De oosterse plataan kan 30 m hoog worden en een stamomvang van 15 m bereiken.
De boom heeft een grote ronde kroon. De zaden zijn bolletjes die aan lange stelen uit de kroon neerhangen, soms met 6 bijeen.
Nu nog staat in vele streken van Griekenland en in het Europese gedeelte van Turkije in het midden van oude dorpen een enorme plataan of een groep platanen. Met hun schaduwgevende kroon overspannen zij de ontmoetingsplaats van de dorpsbewoners.
De
westerse plataan (P
latanus occidentalis) is inheems in de lage streken
van Noord-Amerika en groeit daar langs rivieren. Rond 1650 bracht de Engelse
plantenverzamelaar John Tradescant jr. van een expeditie door Noord-Amerika
de westers plataan naar Europa.
Het
blad is drielobbig en minder diep ingesneden. De bovenzijde van het blad is frisgroen, de
onderzijde grijzig behaard. De kroon is rond tot eivormig en wordt gedragen door
een krachtige stam. Aan een steel hangt maar één vruchtbolletje. De
vlekken op de schors zijn veel minder opvallend. De onderschors is rozewit.

Uit een kruising is rond 1700
Platanus x acerifolia ontstaan, de
plataan met blad dat op die van de esdoorn lijkt. Het is een tot 35 m hoog
opgroeiende boom met een brede, ronde kroon. Deze boom is van alle
plataansoorten het meest geschikt voor aanplant langs wegen en op pleinen. In
Londen, het Duitse Roergebied en in de buurt van de chemische bedrijven bij Geleen in
Zuid-Limburg staan veel van deze platanen. Hij kan goed tegen de smog van
industriegebieden, herstelt zich snel van verwondingen en snoei.
Het blad is drie - tot vijflobbig, breed en aan beide zijden groen. De lobben zijn grof
getand. De mannelijke en vrouwelijke bloemen zijn onopvallend en zitten aan
dezelfde boom. De bast bladdert in grote plakken af, waardoor de zeegroene
onderschors zichtbaar wordt.
Veel aangeplant als sierboom in parken, tuinen en langs straten is de Gewone Plataan (Platanus x hybrida). De bladeren zijn lang, breed met spitse lobben. De vruchten zijn kegelvormige, ca. 1 cm lange aan de basis behaarde nootjes en hangen met zijn tweeën of alleen aan een lange steel. De bast bladdert in grote dunne stroken af.
Gebruik
Het hout is vrij hard, niet duurzaam en dus niet geschikt voor buitenwerk. Het is licht van kleur, mooi gevlamd en daardoor geschikt voor binnenbetimmering. Het wordt gebruikt in de meubel-en wagenmakerij, voor het vervaardigen van kisten, geweerkolven, piano’s en voor houtsnijwerk. In Iran wordt plataanhout toegepast als raam-en kozijnhout. Vanwege zijn zelfsmerend vermogen gebruikt men plataanhout ook voor bureauladen.
Vroeger gebruikte men de vruchten tegen slangenbeten en schorpioensteken, bladeren en schors tegen ontstoken zweren, oogziektes en kiespijn.

Plataan als lei–en dakboom
De plataan is geschikt om zowel verticaal als ook horizontaal te leiden. Dat moet in de zomer gebeuren, omdat de takken in de winter niet goed buigzaam zijn.
Schaduwgevende dakplatanen zien we vaak in Frankrijk en Italië op oude dorpspleintjes.
Snoeien
Een dakplataan (een natuurlijke parasol) heeft veel onderhoud nodig. Hij moet ieder jaar in vorm gesnoeid en in het begin zorgvuldig geleid worden. Als de kroon van de plataan te veel schaduw geeft, kunnen er takken uitgelicht worden. Daardoor wordt de kroon transparanter.
Planttijd is van november tot april.
Mythologie
In de Griekse mythologie is de plataan gewijd aan Artemis, godin van de wilde natuur en de jacht. In zijn bruiloftslied voor Helena vermeldt de Griekse dichter Theokritos de plataan, gewijd aan de mooiste vrouw op aarde.
Oppergod Zeus trouwde met de godin Europa in een plataan, nadat hij haar, in de gestalte van een stier, naar het eiland Kreta ontvoerd had. Uit dit huwelijk werden koning Minos van Kreta, koning Rhadamantys, heerser over de eilandgroep Cycladen, en prins Sarpedon van Lukien geboren. Door deze belangrijke gebeurtenis in het godenleven mocht de plataan altijd haar bladeren houden. Inderdaad bestaan er op Kreta 29 exemplaren van een altijdgroene soort uit de platanenfamilie.
Plinius beschrijft een plataan met een holte in de stam die zo ruim was, dat een veldheer samen met 18 man daarin kon dineren alsof hij te gast was in een paleis.
Ziektes
Soms valt tengevolge van een schimmelaantasting het pas ontloken blad verdroogd uit de kroon. Bij de tweede groeistoot rond juli wordt de schade meestal hersteld doordat er nieuwe bladeren verschijnen.
