Geelhout
Cladrastis kentukea (lutea)
(bot.)Yellowwood, Virgilia
(Eng.)Virgilier à bois jaune
(Frans)Amerikanisches Gelbholz, Gelbe Cladastris, Gelbholz
(Duits)
Leguminosae – vlinderbloemfamilie
Deze ornamentale boom komen we niet vaak tegen in Nederland. De bloemtrossen lijken op die van de robinia. het is een winterharde, bladverliezende boom die mooi staat in een grote tuin of in een park.
Herkomst
Van de vier bekende Cladastris-soorten is geelhout inheems in Noord-Amerika (Kentucky, Noord-Carolina en Tennessee), de andere drie in China (Cladrastis sinensis) en Japan.
Hij wordt bij ons als sierboom aangeplant.

Naamgeving
Cladastris is afgeleid van het
Griekse woord klado wat tak en thraustos wat fragiel
betekent, verwijzend naar de broze loten. Kentukea heeft betrekking op de
herkomst uit Kentucky. Vroeger werd deze boom C. lutea genoemd. Lutea betekent
geel, want het hout onder de bast is geel. Vandaar de naam geelhout.

Plantkenmerken
Geelhout is een bladverliezende
boom die 12 m hoog kan worden. Hij heeft een brede, ronde kroon. Hij wordt soms
ook als meerstammige struik gekweekt. De stam die in het begin grijsbruin en
glad is, ontwikkelt op oudere leeftijd ondiepe groeven. Het grote, samengestelde
blad bestaat uit 7 tot 9 ovale bladeren. Deze kleuren in het najaar helder geel.
De vlinderachtige bloemen, die in juni verschijnen, zijn crémewit of roze ( 'Rosea') en groeien in trossen van 20-35 cm lang. Zij hebben een aangename geur. De bloemen komen in Europa niet altijd tot ontwikkeling. Geelhout bloeit vaak pas op een leeftijd van 10 jaar.
In de nazomer verschijnen de peulen die eerst groen, dan geel en tenslotte goudoranje zijn.
Stam en hout lijken op die van de
moerbei, de bladeren op die van de es, de bloemen op die van de Robinia in kleur
en geur.
De wortels zijn citroengeel, het gezaagde hout opvallend geel.
Geelhout is eenhuizig.

Gebruik
Vroeger gebruikte men het gele hout om stoffen te verven.